Te beluisteren iedere maandag van 19:00 - 21:00 uur bij de HTR en op
zondag 11:00 - 13:00 uur bij
ROS-Kabelkrant, ZIGGO kanaal 43 en
24 uur per dag via onze website.

Bossche Straten 2018

334. Naam oude landweg - De Bossche Pad

Ed Hupkens
Auteur: Ed Hupkens  Met dank aan de Werkgroep Toponymie, Kring Vrienden van 's-Hertogenbosch

Foto 334LBDe straat De Bossche Pad gezien vanaf de hoek Willem Deckersstraat met op de achtergrond de Watertoren, rechts staan noodwoningen.
Anno 1965. Foto: Erfgoed ’s-Hertogenbosch nr. 0046052

De straat- en wijknaam ‘De Bossche Pad’ gaat terug op een kleine landweg, met de naam Bosschepad. Dit weggetje vormde al eeuwenlang de verbinding tussen ’s-Hertogenbosch en Den Dungen en van daaruit verder naar het zuiden richting Keulen. Op deze weg werd bij de eerste uitleg van de stad rond 1352 de St. Antonispoort of Baseldonkse poort in de nieuwe stadsmuur ingericht. Zodra men de poort (omgeving huidige Sluis 0) had verlaten, bevond men zich op de Bosschepad. Al sinds ongeveer 1205 liep de Bosschepad met een kromming langs het Bazeldonkklooster. In 1597 werd op deze weg naar Den Dungen bij een brug vlakbij de Bazeldonk een draaiboom opgesteld, terwijl men aan beide zijden hiervan de aarde weggroef. Een draaiboom is een soort slagboom die niet omhoog gaat, maar zijwaarts draait. Een draaiboom werd vaak in een poort in landweren ter verdediging gebruikt, of ook wel in veeweides. In datzelfde jaar werd de hoogte van de Bazeldonk afgegraven en de gracht voor de Antonispoort wijder en dieper gemaakt. De afgegraven grond bracht men in de stad ter ophoging van de stadswallen. Nadat het kanaal Zuid-Willemsvaart gegraven werd (1822 – 1826), raakte het weggetje Bosschepad in onbruik. De Bossche Pad vormt nu een overgangszone tussen de wijken Eikendonk en Grevelingen.

Het Bossche college kwam op 28 februari 1921 tot het besluit om de straat tussen het Hinthamereinde en de Maastrichtseweg de naam ‘De Bossche Pad’ te geven. De huizen aan De Bossche Pad en omgeving werden gebouwd met behulp van grote betonstenen. Hiermee kon men sneller en goedkoper bouwen dan met traditionele bakstenen. De woningen werden in de volksmond ‘sigarenmakerwoningen’ genoemd, omdat die door op de ‘Noodschool’ omgeschoolde, werkeloze sigarenmakers gebouwd werden. De betonwoningen werden ook in het gebied van de Hinthamerpoort neergezet. Rond 1880 deed elektriciteit als moderne lichtbron haar intrede in Nederland. Nijmegen was in 1886 de eerste Nederlandse gemeente met elektrische straatverlichting. De primeur van de elektrische straatverlichting in ’s-Hertogenbosch kwam niet in het oude centrum, maar in de nieuwbouwwijken De Muntel en De Bossche Pad. Daar werden op 28 september 1921 de eerste elektrische lampen ingeschakeld, en wel zes op De Bossche Pad en vijf op het Muntelterrein. In het kader van de herinrichting van de wijk Eikendonk werden onlangs 34 nieuwbouwwoningen aan De Bossche Pad opgeleverd.

 

© 2011 - 2019 'n Lutske Brabants - Vandaag: dinsdag 25 juni 2019 - Tijd: 00:00:00 - Webdesign: Broeklandsoft - Sponsor: Frans van den Bogaard